Auto's op bio-ethanol

print

De eerste bio-ethanolpomp in Nederland staat in Rotterdam Feijenoord. Maar met één pomp in de regio kun je de klimaatverandering niet tegengaan. Daarom komen er meer. Het project Bio-Ethanol for Sustainable Transport (BEST) wil eind 2009 minstens 950 auto’s in Rotterdam op bio-ethanol en 12 pompen.

bioauto

Bijna 20 procent van de nationale CO2-uitstoot komt op rekening van de sector verkeer. Het loont dus de moeite over te stappen op duurzame brandstoffen. Het gebruik van biobrandstoffen reduceert de CO2-uitstoot aanzienlijk. Hoeveel, dat hangt af van de manier waarop de brandstof geproduceerd wordt. De reductie kan oplopen tot 80%!

Hoe kom je zover?
1.    De Europese Unie heeft afgesproken dat in 2010 ongeveer 6% van de brandstof aan de pomp uit biobrandstof moet bestaan. In 2020 moet dat minstens 10% zijn. De biobrandstof wordt gemengd bij de gewone brandstoffen. Deze bijmenging vereist geen aanpassingen aan de auto.

2.    Een stap verder gaat de introductie van de flexifuelauto. De motor van deze auto is geschikt gemaakt voor het gebruik van zowel gewone brandstof, als E85: een mengsel van 85% bio-ethanol (alcohol) en 15% benzine. In Rotterdam komen speciale E85-pompen. Ook wil de gemeente het goede voorbeeld geven door in het eigen wagenpark flexifuelauto’s in te zetten. Het zijn er inmiddels 30 van het type Ford Focus.

Rotterdam wil met de introductie van bio-ethanol de voorhoede zijn voor de rest van het land.

Voor- en nadelen

Wat zijn de voordelen van het rijden op bio-ethanol?

De belangrijkste nadelen zijn:

Subsidieregeling
Rotterdam werkt in het BEST-project samen met Stockholm, La Spezia (Italië), Madrid, Baskenland, Ornsköldsvik (Zweden), Somerset en Brandenburg. Tevens zijn de steden Nanyang (China) en Sao Paulo (Brazilië) partner in het project. De gemeente Rotterdam werkt in het lokale project samen met Ford, Saab, Volvo, Nedalco en Argos en werkt met de Stadsregio Rotterdam een subsidieregeling uit om te zorgen dat de bio-ethanol goedkoper wordt dan benzine.